Laten we heel snel stoppen met deze fake-campagne. Let’s go.

Oh, oh, oh… wat een leed. En een tragiek. Die grote corporate accounts met dubbele agenda’s en tegenstrijdige belangen, samenwerkend met de grote, internationale netwerkbureau’s waar het bedrijven van politiek en het aan de gang houden van de urenfabriek core business geworden zijn, in plaats van het bedenken van een goed idee op de achterkant van een bierviltje. Desnoods twee viltjes (op de andere de Creatieve Rationale). Dat soort vreselijke praktijken (die bureau’s, niet Shell, daar komen we zo op) werden ooit meesterlijk beschreven en aan de kaak gesteld door Frédéric Beigbeder met zijn ‘13,99’ (de ppm voor Danone van 24 pagina’s is één van de beste teksten die ooit las) en Matt Beaumont met zijn hilarische (maar helaas herkenbare) uit interne mailwissellingen opgebouwde roman ‘Check Mail’ die ook op zo’n old school nikszeggende bagger uitspugende reclamefabriek speelt. Zelf heb ik er natuurlijk ook middenin gezeten en – oh spijt – aan meegedaan. Legendarisch zijn de duurbetaalde tripjes naar o.a. Madrid, New York en Frankfurt waar ik samen met mijn toenmalige compaan Maarten Bakker business class heen werd gevlogen met de Gold Card van de zaak op zak om ondergebracht te worden in hotelkamers met gouden kranen, waarbij het de sport was er zo weinig mogelijk te slapen – of in elk geval niet alleen.

Je dacht dat je er kwam om te werken, maar niets bleek minder waar. Veel belangrijke meetings, dat wel. Met van over de hele wijde wereld ingevlogen Client Service Directors, Account Directors, Account Managers, Account Executives en Account Assistentes – to start with. Want de creatieve teams werden ook van heinde en verre gehaald, om nog maar te zwijgen van alle mogelijke salarisschalen van klantzijde, liefst kortgerokt of slecht gestropdast. Daar zat je dan, in zo’n ‘War Room’, met z’n veertigen ongeveer 12.000 euro per uur te verbranden, om degenen die nog zo gek waren om dat te betalen (Marlboro, Fiat, Samsonite) in te pakken met ‘mogelijke routes en conceptrichtingen’ maar vooral met je handige babbel en je zorgvuldig bij elkaar gestylde uitstraling. Aan het eind van zo’n week bedroeg de ‘expense bill’ in het hotel en bij de plaatselijke Japanner vaak een bedrag ter grootte van het Bruto Nationaal Product van een doorsnee ontwikkelingsland, was je mobiel weer gevuld met stapels internationale 06-nummers (v) en stapte je met een dijk van een kater van de laatste avond in het vliegtuig terug. Om er vervolgens de weken erna  in Amsterdam achter te komen dat alle briljante ideeën die je verzonnen en geroepen had in een Groot Zwart Gat verdwenen waren, samen met het budget van de klant. En nee: dat billboard dat je dan als resultante 3 maanden later zag hangen met slechts een packshot van een pakje sigaretten en een groot logo hielp daar bepaald niet aan.

Zo moet het ook gegaan zijn met de ontwikkeling van deze ‘corporate campagne’ van Shell. Helaas aangetroffen in mijn favoriete blad Ode (waarom werken zij hier aan mee en geven ze die club een podium – lijkt me nou niet bepaald de doelgroep die in dit soort amechtige pogingen gelooft of er enige waarde aan hecht).

Een prachtig voorbeeld van de onmacht van politieke belangen, de janboel van driedubbele agenda’s en daarmee een typisch product van een groot reclamebureau dat voor veel te veel geld met een onmogelijke opdracht weggestuurd is: creeër voor één van de meest vervuilende en politiek corrupte bedrijven ter wereld een ‘maatschappelijk verantwoord imago’. En nee: je mag niks zeggen, eigenlijk. Want we hebben geen goede argumentatie, geen bewijsmateriaal voor onze positionering en het slaat eigenlijk nergens op wat we beweren. Succes! Dan mag er wel netjes op Wikipedia gezet zijn dat Shell wakker geschud werd door de affaire met de Brent Spar, maar dan vergeten we voor het gemak even dat – ik noem maar even wat- het gelazer in Nigeria. Lastig hoor, zo’n maatschappelijk verantwoorde advertentie maken over de talloze gedupeerden van je beleid die je de komende dertig jaar (tot hun mede door jou veroorzaakte dood, waarschijnlijk) nog wel rustig houdt met je beschikbare fondsen voor de beste en de duurste advocaten die je kunt vinden.

Wat een walgelijk vertoon van arrogantie en spilzucht. Gelukkig ben ik niet de enige die er zo over denkt.

PS: Sorry voor de slechte foto. Maar deze ‘campagne’ verdient niet beter.