Het blijft lachen. Vooral met mezelf.

Onder het motto ‘ken u zelve’ doe ik al bijna 48 jaar aan zelfreflectie.

Dagelijks.

Met succes.

Inmiddels weet ik dat ik de meest complexe, schier onoplosbare en razend ingewikkelde zaken binnen 2, hooguit 3 nanoseconden tot verbluffende eenvoud, tot de van alle ruis ontdane kern kan terugbrengen.

Appeltje. Eitje.

Daar staat tegenover dat mijn brein de meest aardse, simpele en basale dingen totaal niet begrijpt, en nodeloos ingewikkeld kan maken.

Soit. Ik moet het ermee doen.

En zolang ik de handicap draaglijk hou, ook voor mijn omgeving, en de gave die het meebrengt omarm, is ermee te leven.

Maar: die van vandaag sloeg alles. Ik heb zeker 3 kwartier zitten puzzelen, aan het meest zinloze hechtsysteem in – Godbetert – nog een stofmap (!) ook, voor het me langzaam begon te dagen.

En er toen nóg een kwartier over gedaan voordat ik ‘m los had. Man, man, man.

Het is maar goed dat ik 9 van 10 keer om mezelf moet lachen.